Breed Welzijn Putten

>

Samenwerken in Breed Welzijn Putten

Samenwerkende organisaties

Vier organisaties in Putten: Actief Putten, Stimenz, Jeugd-Punt en Stichting Welzijn Putten.

Aanleiding en vraagstuk

Meedoen in de samenleving is een groot goed voor mensen. Het gaat om (vrijwilligers)werk, je inzetten voor je naasten, het volgen van een opleiding, betekenis geven aan de gemeenschap waarin je leeft, het opvoeden van kinderen, zonder geldzorgen kunnen leven, je veilig weten, mobiel en zelfredzaam zijn.

In veel gemeenten zien we de beweging dat partijen binnen het sociaal domein meer met elkaar gaan samenwerken. Ook in Putten is dit het geval. Om inwoners in Putten op de juiste wijze te kunnen ondersteunen wilden gemeente, Actief Putten, Stimenz, Jeugd-Punt en Stichting Welzijn Putten gaan werken vanuit één gezamenlijke werkpraktijk – Breed Welzijn Putten – die de basisondersteuning levert op alle terreinen. Zij verwachtten hiermee meer inwoners vroegtijdig te kunnen ondersteunen. Daarnaast kan er meer regie gevoerd worden op alles wat er in het voorliggend veld gebeurt.

Op 1 januari 2022 werd Breed Welzijn Putten actief. In de aanloop ernaartoe moest er nog wel het één en ander worden voorbereid. Voor één van deze onderdelen is Common Eye gevraagd als onafhankelijk procesbegeleider. Dit onderdeel van het traject is gericht op de professionele samenwerking in de dagelijkse werkpraktijk.

Werkwijze

Om scherp te krijgen wat er nodig was voor het versterken van de professionele samenwerking in de dagelijkse werkpraktijk is er in eerste instantie een kerngroep gevormd met de vier coördinatoren van de organisaties. Gezamenlijk hebben we gekeken wat er nodig was. Zo zijn er twee conferenties georganiseerd waarin verschillende onderdelen de revue zijn gepasseerd. Er is ruimte geweest om nader kennis te maken, om op een andere manier met elkaar het gesprek te voeren dan in de werkmodus en er zijn een aantal inhoudelijke onderdelen opgepakt. Zo is gesproken over de leidende principes binnen Breed Welzijn Putten: wat zijn nou de ingrediënten die we met elkaar móeten waarborgen als we samenwerken?

Aan de hand van gesprekken over casuïstiek kwamen hierin een aantal belangrijke zaken naar boven, zoals: de regie ligt bij de inwoner, we willen laagdrempelig, persoonlijk en warm zijn als Breed Welzijn Putten en we moeten met elkaar het totaalplaatje overzien. Wat ook hielp was om het gesprek te voeren over de positionering van de brede welzijnsorganisatie aan de hand van de piramide van het sociaal domein. Op welke laag in de piramide voeren we als Breed Welzijn Putten activiteiten uit en wat vertelt dat ons? Door hier het gesprek over te voeren kregen de medewerkers meer inzicht in de onderlinge lijnen die lopen en de verschillende activiteiten en werkzaamheden bij de andere organisaties.

Tot slot moesten er ook een aantal noten gekraakt worden. Hierin hebben medewerkers het gesprek gevoerd om een richting mee te geven aan de coördinatoren. Denk daarbij aan de wens om te komen tot een geïntegreerd aanbod van diensten vanuit Breed Welzijn Putten. En de wens om te komen tot één gezamenlijke toegang.

De coördinatoren hadden zelf een grote rol in het oppakken van de bespreekpunten, Common Eye begeleidde dit proces en bereidde de gesprekken en bijeenkomsten voor. Deze bijeenkomsten hebben geresulteerd in concrete punten die de coördinatoren met elkaar kunnen oppakken in de vervolgstappen van het inrichting van Breed Welzijn Putten.

Reflectie

De bijeenkomsten hebben ervoor gezorgd dat medewerkers zelf hebben bijgedragen aan het vormgeven van de samenwerking Breed Welzijn Putten. De samenwerking inrichten heeft tijd nodig en zal gedurende de komende maanden steeds concreter worden. Mede door de conferenties zijn specifieke punten op de agenda gezet om dit vervolg vorm te geven.

Het mooie van deze samenwerking was dat de coördinatoren van de organisaties elkaar goed konden vinden in het gezamenlijk beeld wat zij hadden bij Breed Welzijn Putten en dat zij hierin echt de verantwoordelijkheid pakten. Dit zorgde ook voor enthousiasme en goede energie onder de medewerkers tijdens de bijeenkomsten.

Reflectie opdrachtgever

“De afgelopen jaren zijn we bezig geweest met de gemeente Putten en de samenwerkingspartners om de samenwerkingsvorm te ontwikkelen en hier ook politiek mandaat voor te verkrijgen. Nu dat laatste een feit is wilden we graag de medewerkers van de verschillende organisaties meenemen en hierbij betrekken . Met de begeleiding van Common Eye hebben een mooie start kunnen maken met het verkennen van elkaar en het creëren van een goed draagvlak waar we op verder kunnen bouwen. Middels twee goed opgebouwde en inspirerende sessies hebben Jolijn en Manon hieraan bijgedragen.”

Duur traject

September 2021 tot januari 2022.

Betrokken adviseurs

Jolijn Uittenbogaard en Manon de Caluwé. 

Eens sparren over jouw samenwerkingsvraagstuk?

ExpEx, van beweging tot stichting

>

ExpEx, van beweging tot stichting

Opdrachtgever

ExpEx.

Samen met Sanne Dierick, Fietje Schelling en Maurits Boote, alle drie werkzaam als ambassadeur voor ExpEx in het traject met Common Eye, is deze casus opgesteld.

Van beweging tot stichting

ExpEx is een landelijke beweging van jongeren die zelf ervaring hebben in de jeugdhulp en zich inzetten voor het verbeteren van de jeugdhulp. Het project is ontstaan in 2014 en er zijn nu ExpEx projecten in 9 verschillende regio’s in Nederland in de provincies Zuid-Holland, Noord-Holland, Flevoland en Gelderland. Alle projecten zijn autonoom. Landelijk is er door KernKracht en ExpEx een basistraining ontwikkeld die jongeren krijgen voor ze ingezet worden. Verder was er geen financiering voor de landelijke activiteiten.

FNO is gestart met een nieuw programma: ‘Geestkracht’. Daarin wilde zij ExpEx graag als partner betrekken. Hierdoor kon ExpEx landelijk verder gaan werken aan hun doelen. Het ontvangen van een subsidie hiervoor had wel als voorwaarde dat ExpEx zich als beweging moest vastleggen in een juridische vorm, bijvoorbeeld als officiële stichting. FNO heeft ExpEx aan Common Eye gekoppeld om ondersteuning te bieden in dat proces. Zo heeft Common Eye meegeholpen met het creëren van draagvlak bij de ExpEx-projecten in de verschillende regio’s in Nederland en met het opstellen en vastleggen van structuren en doelen.

Manier van werken

Tijdens het traject werd gewerkt met een groeidocument. Fijn hieraan was dat er al snel dingen op papier stonden, maar ook weer aangepast konden worden gedurende het proces. Fietje geeft aan dat ze voorafgaand bang was dat alles met behulp van Common Eye dichtgetimmerd zou worden. Het bleek een proces van  constant afwegen: wat moet er echt in, wat is echt nodig om te benoemen en wat hoeft niet in het document of past niet bij ExpEx. In verschillende sessies met de ExpEx coördinatoren, de vijf ambassadeurs en de bestuurders van moederorganisaties, is gesproken over hoe de nieuwe stichting in te richten. 

Sanne geeft aan dat ExpEx mooie idealen heeft die lastig te vangen zijn in één document, en dat ze zich voorafgaand afvroeg: “Wát ga je dan met elkaar vastleggen?” Door in de sessies ruimte te maken voor discussie over de toekomstige stichting en de te gebruiken taal, en door het meerdere keren toetsen van het stuk en geven van feedback, ontstond er een document waar alle betrokkenen zich in konden vinden. 

In de samenwerking met Common Eye was er een taakverdeling die ExpEx goed beviel. Waar Astrid de structuur en afspraken goed in de gaten hield, had Ruben de rol om meer als visionair mee te denken. Ook, geeft Sanne aan, werd flexibiliteit en het willen begrijpen van ExpEx gewaardeerd, waar ook onderwerpen de ruimte kregen die niet direct met de stichting te maken hadden maar wel voor ExpEx belangrijk waren.  

Reflectie door de ogen van ExpEx: hoe kijkt ExpEx terug?

Achteraf hadden bepaalde onderdelen in het proces volgens ExpEx beter gekund of hadden zij zelf anders gedaan. Een goed moment voor Common Eye om van te leren! Zo had Fietje voorafgaand andere verwachtingen over het meedenken van Common Eye rondom duurzame financiën. De tijd die hier uiteindelijk voor gereserveerd was, bleek te optimistisch ingeschat en Fietje had hier graag met Common Eye nog een keer over nagedacht. Maurits vult aan dat Common Eye vaker was ingezet als er meer budget was geweest.

In de reflectie zegt Maurits dat hij aan de start van het traject dacht: “Rot op met je doelen, dit kost allemaal tijd, waarom zouden we intern protocolletjes maken, we weten allang waar we voor werken.” Het omslagpunt achteraf voor Maurits zat hem in het feit dat het een intern document zou zijn, dat nodig is voor officiële aanvragen, als naslagwerk dient en niet extern gecommuniceerd hoeft te worden. Terugkijkend vond hij het fijn dat er een onafhankelijk procesbegeleiding was die structuur wist aan te brengen in wat er in hun hoofden omging en wat er in de sessies gebeurde. ExpEx wil echter niet alles vastleggen in structuren en afspraken. Ze willen hun eigen manier van werken behouden, bijvoorbeeld bij het samenstellen van de adviesgroep van ExpEx. Niet meteen vastleggen wat de bevoegdheden zijn van deze groep, maar samen zoeken naar een goede vorm.

De grootste uitdaging volgens ExpEx zat hem in het samenbrengen van hun eigen leefwereld met de systeemwereld van Common Eye. Dit had vooral te maken met het vinden van de juiste taal. In de sessies is veel tijd besteed aan het aanscherpen en het vinden van de juiste toon en de juiste woorden, die passen bij ExpEx.

Maurits geeft aan dat het in het proces veel ‘wij’ en ‘zij’ was (ExpEx en Common Eye). Dit werkte goed want hiermee werd de neutrale rol van procesbegeleider bewaakt maar het was ook interessant geweest als hijzelf vanaf het begin had meegeschreven aan het groeidocument. Op die manier had hij direct mee gekund in het neerzetten van de juiste ExpEx-taal.

Op dit moment zit ExpEx goed op de rit. Er is een nieuw officieel bestuur, de beweging is officieel een stichting en de subsidiegelden zijn aangevraagd bij FNO en VWS. Ze zijn heel tevreden wat ze binnen de korte tijd hebben kunnen doen.

Reflectie door de ogen van Common Eye

Via FNO werd Common Eye gevraagd om de vrijwilligers betrokken bij ExpEx te helpen. Vanuit de buitenwereld ontstond namelijk om meerdere redenen de behoefte dat ExpEx een juridische entiteit zou worden. Voor Astrid en Ruben een enorme uitdagende en betekenisvolle vraag. Enerzijds omdat zij de missie en de werkzaamheden van ExpEx een warm hart toedragen. Anderzijds omdat het inhoudelijke uitdagend bleek te zijn. Zij merkten namelijk vrij snel dat de kracht van ExpEx in een aantal sleutelprincipes ligt die niet als vanzelf passen in een formelere, juridische structuur. Een voorbeeld is het principe van gelijkwaardigheid: binnen ExpEx is iedereen gelijkwaardig en heeft iedereen gelijke kansen. Maar wat nu als jongeren een rol als bestuurder in de stichting krijgen? Welke jongere wordt gekozen als bestuurder? Hoe wordt dit bepaald? Wat zijn hiervan de consequenties voor de groep en de andere jongeren? Hoe houden wij in een systeem van formele rollen en functies, het principe van gelijkwaardigheid vast?

Tijdens de eerste sessie bleek dat de meeste jongeren argwanend aankeken tegen de inbreng vanuit Common Eye en het nut en de noodzaak van het formaliseren. Astrid en Ruben zijn trots dat het hen is gelukt om deze argwaan voor de systeemwereld (zoals de jongeren het noemden) enigszins weg te nemen en een structuur en werkwijze te ontwerpen die de sterke punten van de ExpEx community versterkt en borgt, en niet ondermijnt. Zij hopen dat de jongeren hiermee een structuur in handen hebben die hen helpt het goede werk dat ze doen verder uit te bouwen.

Betrokken adviseurs

Astrid van Dijk en Ruben van Wendel de Joode.

Duur traject

December 2019 tot april 2020.

Wil jij jouw samenwerking verbeteren?

Neem contact op met
Astrid van Dijk

Samenwerking rijksinspecties

Samenwerking rijksinspecties

Samenwerkende organisaties

De tien rijksinspecties, verenigd in de Inspectieraad.

Vraagstuk

De Inspectieraad heeft Common Eye gevraagd een essay te schrijven over de betekenis van het begrip ‘samenwerken’ voor de rijksinspecties. Aanleiding hiervoor was het veranderde veld en de behoefte, zowel vanuit rijksinspecties zelf, het veld en de politiek, om meer en beter met elkaar én de ketenpartners samen te werken.

Oplossing

In het essay plaatst Common Eye de samenwerking in haar historische en omgevingscontext. Hoe is er samengewerkt in de loop der jaren? Wanneer is er sprake geweest van samenwerken en wanneer van fuseren? En vooral: welke belangrijke thema’s en vraagstukken leven er bij de verschillende inspecties? Het laatste hoofdstuk van het essay bevat een aantal adviezen en conclusies:

  • werk samen op basis van een gezamenlijke inhoud, het vraagstuk is het vertrekpunt
  • vraagstukken kunnen veranderen, zoek daarom naar lichte en flexibele samenwerkingsvormen
  • organiseer een vorm van netwerkleiderschap
  • stimuleer samenwerkingsvaardigheden.
Opgeleverd

Het essay is in april 2017 aan de Inspectieraad gepresenteerd. De adviezen zijn positief ontvangen. Inmiddels denkt de Inspectieraad na over het aanleren van samenwerkingsvaardigheden in eigen opleidingen en hoe deze te verankeren in de cultuur van de inspecties. Het advies van Common Eye om met elkaar binnen een groter netwerk in kleinere coalities thematisch samen te werken, sloot goed aan bij de wens van de Inspecteurs-Generaal om ‘doe-coalities’ te vormen. Common Eye denkt mee om de adviezen handen en voeten te geven.

Betrokken adviseurs

Edwin Kaats, Esther Klaster en Wilfrid Opheij.

Duur traject

November 2016 tot april 2017.

Advies nodig bij jouw samenwerking?

Neem contact op met Edwin Kaats.

ICCO

ICCO

Samenwerkende organisaties

ICCO (Interkerkelijke Coördinatie Commissie Ontwikkelingshulp) is een protestants-christelijke coöperatie uit 1964 die zich richt op ontwikkelingssamenwerking. De organisaties Kerk in Actie, Edukans en CoPrisma (bestaande uit 13 organisaties) zijn actieve leden van de in 2012 opgerichte ICCO coöperatie.

Vraagstuk

Sinds de bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking verloopt de onderlinge samenwerking tussen de leden niet optimaal. De organisaties ervaren vaak dezelfde belangen, maar het blijkt in de praktijk lastig te realiseren. Tijdens het bestaan van de coöperatie heeft Common Eye meerdere activiteiten uitgevoerd, waaronder een evaluatie van de samenwerking. In 2016 is aan Common Eye de vraag gesteld: is de samenwerking in de ICCO coöperatie op de juiste manier georganiseerd?

Oplossing

Met elkaar besloot men dat er een nieuwe inrichting van de samenwerking moest komen. Er bleven negen partijen over die samen met elkaar aan de slag wilden. Maar wat zijn de spelregels en voorwaarden voor die structuur? Wie mogen er aan tafel zitten, hoe komen we tot een besluit en wanneer mag er bijvoorbeeld een nieuw lid toetreden? Op basis van een aantal sessies met werk- en stuurgroepen kon Common Eye al snel de belangrijkste thema’s zoals governance, besluitvorming en communicatie destilleren. Dat was de basis voor de verdere gesprekken, die begeleid zijn door Common Eye. Hoe? Door de agenda te bepalen, te structureren en te helpen het gesprek op een goede manier te voeren.

Opgeleverd

Deze gesprekken verliepen soms gemakkelijk, soms waren ze spannend. Het belangrijkste resultaat is dat er uiteindelijk voor een nieuwe inrichting van de samenwerking is gekozen waar alle leden en de achterbannen achter kunnen staan. De nieuwe inrichting is vervolgens in een relatief kort tijdsbestek geïmplementeerd en juridisch goedgekeurd. Er is gekozen voor een nieuwe naam van de samenwerking (PerspActive) met een nieuwe website. Al met al was het een intensief proces dat heeft geleid tot een inrichting waar partijen met veel hernieuwd vertrouwen en met energie met elkaar willen samenwerken.

Betrokken adviseurs

Ruben van Wendel de Joode, Tim Dees en Edwin Kaats. 

Duur traject

4 maanden.

Zoek jij een passende oplossing voor jouw samenwerking?

Ruben van Wendel de Joode denkt graag met je mee. 

Evaluatie van de SRHR alliantie

>

Evaluatie van de SRHR alliantie

Samenwerkende organisaties

De SRHR alliantie is een samenwerking tussen vijf organisaties in Nederland. De partijen zijn Rutgers, AMREF Flying Doctors, CHOICE, Dance4Life en Simavi. Gezamenlijk ontwikkelde zij het Unite For Body Rights (UFBR) programma.

Het programma versterkt en ondersteunt burgerinitiatieven en het maatschappelijk middenveld in negen Afrikaanse en Aziatische landen. Het programma richt zich op het verbeteren van de toegang en kwaliteit van voorlichting op het gebied van Sexual Reproductive Health and Rights (SRHR), het verbeteren van de toegang en kwaliteit van SRHR-dienstverlening en het scheppen van een stimulerende omgeving waarin voorlichting en dienstverlening kan plaatsvinden (support).

Vraagstuk

Ontwikkelingsinitiatieven worden goed gemonitord en geëvalueerd op de resultaten die zij behalen. Steeds vaker stellen samenwerkende organisaties zich daarbij de vraag: hoe goed werken wij als partners eigenlijk samen? Zo ook de partners van de SRHR Alliantie. Common Eye voerde daarom een tussentijds evaluatieonderzoek uit naar het functioneren van de samenwerking. Voor het onderzoek hebben wij meerdere activiteiten uitgevoerd, waaronder desk research, een online vragenlijst en tweeëntwintig gesprekken met individuele partners en het Ministerie van Buitenlandse zaken.

Oplossing

Voor de opdracht is een klankbordgroep geformeerd. In samenwerking met de klankbordgroep is een onderzoeksmodel gemaakt. Het model is gebaseerd op de vijf condities van samenwerken, te weten: ambitie, belangen, relaties, structuur van de samenwerking en het samenwerkingsproces. Deze vijf condities werden aangevuld met specifieke vragen die de stuurgroep van de alliantie had  bij de tussentijdse evaluatie. Die vragen zijn vervolgens geclusterd in vijf extra onderwerpen, namenlijk: waardering voor de samenwerking, de Theory of Change, de behaalde resultaten, de eigen organisatie in de samenwerking en de positionering van de alliantie. Met name de laatste twee onderwerpen waren relevant voor een mogelijk vervolg van de alliantie na afloop van  de subsidieperiode. Het onderzoeksmodel is geoperationaliseerd in een digitale vragenlijst een gespreksleidraad.

Nadat de informatie was verzameld, hebben de adviseurs een conceptrapportage gemaakt en gepresenteerd aan de stuurgroepleden. Op onderdelen van het rapport is het principe van hoor en wederhoor toegepast. Alle reacties zijn verwerkt tot een definitieve rapportage.

Oplevering

Het evaluatieonderzoek bood inzicht in het succes en de succesfactoren van de samenwerking tussen de vijf partners van de SRHR alliantie. Het leidde ook tot een inventarisatie van mogelijke verbeterpunten. Deze tussentijdse evaluatie was daarmee een belangrijke bron van input voor de doorontwikkeling van de alliantie. Ook bood het houvast en inzichten voor andere lopende samenwerkingen tussen de partners, relaties met opdrachtgevers en natuurlijk de SRHR-verbindingen in de negen landen in Afrika en Azië.

Meer informatie

Bent u ook betrokken in een internationale samenwerking? Wilt u de samenwerking evalueren en leren van de succesfactoren en wilt u inzicht in mogelijke blokkades en ontwikkelkansen? Neem dan contact op met Reinanke Haagsma of bekijk ter inspiratie deze Quick Scan. Deze Quick Scan zetten wij onder meer in tijdens workshops om met elkaar aan tafel te reflecteren en het gesprek te starten.

Betrokken adviseurs

Reinanke Haagsma, Ruben van Wendel de Joode en Robin Bremekamp.

Duur traject

Van mei 2014 tot juni 2014.

Zoek jij een passende oplossing voor jouw samenwerking?

Neem contact op met Reinanke Haagsma