Het Theater van Besluit

Een spel haalt je uit je comfortzone, helpt patronen en dynamieken zichtbaar te maken en brengt plezier en energie. Hiermee kunnen spellen bijdragen aan een betere samenwerking.

We hebben een groot arsenaal aan samenwerkingsspellen die we tijdens sessies en trainingen kunnen inzetten. Sommige spellen zijn bedoeld als kennismakingsspel, andere dagen je uit om op creatieve wijze tot een krachtige en inspirerende ambitie te komen, of laten je op een laagdrempelige wijze het gesprek voeren over elkaars belangen. Ieder spel eindigt met een reflectie over wat er in het spel gebeurde en hoe dit zich verhoudt tot de echte samenwerking. Door spellen te koppelen aan de realiteit hebben zij een waardevolle en praktische betekenis. 

Eén van deze spellen is het Theater van Besluit.

Doel van het spel

Het nemen van besluiten kan een complexe bezigheid zijn binnen een samenwerking. Theater van Besluit helpt je te herkennen welke besluitvormingsstrategieën je zelf vaak (impliciet) hanteert, welke strategieën anderen hanteren en hoe je hier op een goede manier mee om kan gaan. Deze inzichten helpen je om het gezamenlijke besluitvormingsproces zo soepel mogelijk te laten verlopen. 

Voor wie?

Het spel is bedoeld:

  • voor samenwerkingen die moeite hebben of veel tijd nodig hebben voor het nemen van besluiten
  • als oefening voor groepen mensen die al dan niet een samenwerking hebben met elkaar, om inzicht te krijgen in besluitvormingsprocessen.

Zo speel je het

De kaartenset van Theater van Besluit bestaat uit 6 Opdrachtkaarten (paars) en 6 Strategiekaarten (rood). 

Je kan de kaartenset hier downloaden. 

Deelnemers moeten een gezamenlijk besluit nemen over een gegeven opdracht. Iedere deelnemer heeft hierbij een andere besluitvormingsstrategie toebedeeld gekregen. Het doel van elke deelnemer is zijn strategie zo goed mogelijk tot zijn recht te laten komen, maar tegelijkertijd ook met de groep tot een gezamenlijk besluit te komen. Het spel wordt in een aantal rondes gespeeld, met steeds een andere opdracht en een andere besluitvormingsstrategie voor elke deelnemer. 

20 tot 40 minuten.

6 tot 12 spelers.

1. Bij 6 of minder spelers speelt iedereen individueel. Bij 7 tot 12 deelnemers spelen de deelnemers in tweetallen per kaart.

2. Geef de spelers een set met strategiekaarten en een set met opdrachtkaarten. De kaarten mogen nog niet worden ingezien.

3. Leg de groep het volgende uit:

  • er worden 3 rondes gespeeld.
  • elke ronde duurt 3 tot 5 minuten (3 minuten bij een groep tot 6 deelnemers; 5 minuten bij een groep van 7 tot 12 deelnemers).
  • in iedere ronde moeten de deelnemers een gezamenlijk besluit nemen aan de hand van een opdracht. Deze staan op de opdrachtkaarten. Bij elke ronde wordt een nieuwe opdrachtkaart gebruikt.  
  • iedere deelnemer krijgt een eigen strategiekaart. Hierop staat zijn of haar besluitvormingsstrategie uitgelegd. De deelnemers moeten zich gedragen zoals op hun strategiekaart beschreven staat en gaan vanuit die rol met elkaar in gesprek. Bij elke ronde worden de strategiekaarten opnieuw geschud en verdeeld.
  • de groep moet binnen de tijd een gezamenlijke keuze gemaakt hebben.

4. Vraag één van de deelnemers een opdrachtkaart te kiezen en deze hardop aan de groep voor te lezen.

5. Laat elke deelnemer een strategiekaart van de stapel pakken en geef ze een aantal minuten om de kaart goed te begrijpen. Voor groepen kleiner dan zes deelnemers worden niet alle strategiekaarten gebruikt. Voor het groepsproces helpt het al de ‘consensus-kaart’ in het spel is. Echter, gedurende één ronde kan het ook interessant zijn om te zien wat er gebeurt als niemand die rol heeft. Zorg dan dat in de andere rondes de consensuskaart wel wordt gebruikt.

6. Geef aan hoelang de deelnemers hebben om tot een besluit te komen (3 tot 5 minuten). Laat de groep het gesprek over de te maken keuze voeren. Grijp zo min mogelijk in het gesprek in. Geef 1 minuut voor tijd aan dat ze nog 1 minuut hebben om hun besluit te nemen.

7. Als de tijd verstreken is, vertelt de groep aan de spelbegeleider welk besluit er is genomen.

8. Na iedere ronde evalueer je even kort hoe het besluitvormingsproces verliep. 

De laatste ronde speel je ‘open kaart’: laat deelnemers hun strategiekaart hardop voorlezen en daarna open voor zich op tafel leggen. De ervaring leert dat het besluitvormingsproces ineens veel makkelijker verloopt als je elkaars voorkeursstrategieën kent en je hier (bewust of onbewust) rekening mee houdt.

Reflectie

De meerwaarde van dit spel ontstaat bij de reflectie. Hieronder staan hulpvragen die de spelbegeleider kan gebruiken bij de reflectie tijdens en na het spel.

In het spel (vragen na rondes 1 en 2)

  • Lukte het om tot een gezamenlijk besluit te komen? Waarom was dit makkelijk of moeilijk?
  • Wat vond je van de strategiekaart die je had gekregen? Was het onwennig of voelde het juist natuurlijk om deze strategie te gebruiken?
  • wat vind je van de keuze van de groep? Sta je achter deze keuze?

Over het spel (vragen na ronde 3)

  • Hoe was het om je vanuit een opgelegde strategie te moeten gedragen?
  • Welke strategieën vond je het lastigst? Welke voelden het meest natuurlijk?
  • Hoe verliep het besluitvormingsproces?
  • Herkende je de strategieën van de andere deelnemers?
  • Was er een verschil tussen de verschillende rondes? Ging het in de derde ronde makkelijker dan in de eerste twee? En hoe kwam dat?

Uit het spel (vragen na ronde 3)

  • Ben je je in de echte samenwerking bewust van je eigen strategie?
  • Ben je je bewust van wat voor anderen belangrijk is om tot besluitvorming te komen?
  • Is het erg wanneer verschillende partijen verschillende besluitvormingsstrategieën hanteren?
  • Kun je je een situatie herinneren waarin verschillende partijen totaal andere strategieën hanteerden en elkaar daarmee in de weg zaten? Of waar dit juist van meerwaarde bleek? 
  • Zou het in de praktijk helpen om expliciet voorkeursstrategie van partijen te bespreken?
  • Wat is er in dat geval nodig om zo’n gesprek met elkaar te voeren?