‘Dit slaagde alleen omdat we elkaar de ruimte gaven’

– INTERVIEW 

Waarom niet onze krachten bundelen? Die gedachte was de start van de samenwerking tussen vijf gezondheidsfondsen — Alzheimer Nederland, Diabetes Fonds, Fonds Psychische Gezondheid, Longfonds en Maag Lever Darm Stichting. In 2013 openden zij het Huis voor de Gezondheid in Amersfoort. Hanneke Dessing, directeur Diabetes Fonds: “Samenwerken kost tijd. Maar wat krijg je er veel voor terug.”

Een aantal jaar geleden kwamen gezondheidsfondsen steeds meer onder een vergrootglas te liggen. De fondsen herkenden veel in elkaar als het ging om doelgroepen en werkwijzen. Ook de achterban was gecharmeerd van meer samenwerking. “In de eerste verkennende gesprekken ontstond gelijk de overtuiging dat deze samenwerking veel winst kon opleveren op het gebied van kwaliteit en efficiency. Aan de slag dus!” aldus Dessing.

Samenwonen, samenwerken, samenleven
De eerste fase was gericht op samenwonen. De vijf partijen vonden een pand dat aan alle wensen voldeed. “We hebben nadrukkelijk gekozen voor een inrichting waarin ontmoeten en verbinden centraal staat,” licht Dessing toe. In het stadium erna lag de focus meer op samenwerken. Wat konden de partijen samen oppakken? Dessing: “Dat is in het begin heel organisch gegaan. Een gezamenlijke ict-infrastructuur bijvoorbeeld leverde voor ons allemaal kwaliteitswinst op en was dus een logische stap.” Inmiddels zijn er mooie resultaten geboekt op het gebied van gezamenlijke inkoop, infrastructuur en kennisdeling. Dat blijkt ook wel uit de totale kostenbesparing van circa een miljoen, de eerste vijf jaar. “Een geweldig resultaat”, vertelt zij trots, dat vooral te danken is aan het delen van personeel, minder inhuur van derden en slimmer inkopen. “Dit konden we alleen bereiken omdat we het met z’n vijven deden.” Langzamerhand komen de partijen in de fase van samenleven, waarbij de partners steeds blijven werken aan goede onderlinge verhoudingen en het actief delen van kennis en ervaringen.

‘Soms helpen een-op-een-gesprekken om de lucht te klaren.’

Heldere verwachtingen
Tijdens het proces merkten de organisaties hoe belangrijk het is om naar elkaar expliciet duidelijk te maken hoe iedereen de samenwerking ervaart. Dessing: “Er zijn veel onderlinge verschillen: voor de één staat de samenwerking centraal, de ander heeft een meer afwachtende houding.” Conclusie is dat het essentieel is om elkaars verwachtingen te kennen. Dat leidde bijvoorbeeld tot het besluit dat de partners niet alles samen hoeven te doen. Soms werken er maar twee of drie organisaties samen in een project, iedere organisatie heeft immers zijn eigen fasering en prioriteiten. “Natuurlijk verloopt niet alles gladjes in zo’n proces. De sfeer is over het algemeen coöperatief, maar er worden ook wel eens flinke discussies gevoerd en zaken op scherp gezet”, verduidelijkt zij. Soms helpen een-op-een-gesprekken om de lucht te klaren. Dessing: “En een goede begeleiding van dat proces is van groot belang, zodat irritaties niet de kans krijgen groot te worden.” Ten slotte vat Hanneke Dessing het zo samen: “Samenwerken heeft tijd nodig, je moet elkaar de ruimte geven en respect hebben voor elkaars meningen en interne processen. Je moet niet te snel willen en bereid zijn compromissen te sluiten. En vergeet niet: je levert bij zo’n samenwerking een deel van je autonomie in. Daar staat tegenover dat je er veel kwaliteit voor terugkrijgt. En daar doen we het voor.”

‘Je levert bij zo’n samenwerking een deel van je autonomie in.’

Gerelateerd